Het kabinet wil dat de totale fysieke ruimte voor economische activiteit in Nederland niet kleiner wordt. Verdwijnt ergens een bedrijventerrein, dan moet die ruimte elders worden teruggevonden. Dat is de kern van de Ruimtelijk Economische Visie, die minister Karremans van Economische Zaken op vrijdag 20 juni 2025 presenteerde na instemming van de ministerraad.
Verdienvermogen op een fractie van het grondgebied
Het kabinet onderbouwt de visie met een opvallend getal: het grootste deel van het Nederlandse verdienvermogen wordt volgens het kabinet verdiend op slechts 2,5 procent van het grondgebied. Uit dat verdienvermogen worden onder meer zorg, onderwijs, infrastructuur en veiligheid betaald. Juist omdat het om zo’n klein deel van het land gaat, wil het kabinet die ruimte beter beschermen tegen verdringing door andere functies.
De visie heeft vier doelen. Het kabinet wil het verdienvermogen van de economie versterken, een aantrekkelijk vestigingsklimaat creëren en behouden, nationale belangen beschermen en de economie weerbaarder maken. Bij dat laatste punt noemt het kabinet expliciet het verminderen van de afhankelijkheid van landen buiten Europa.
Drie principes voor de ruimte
De Ruimtelijk Economische Visie rust op drie principes. Het eerste is een samenhangend ruimtelijk systeem, waarin gebieden van nationaal of regionaal belang worden beschermd. Als voorbeelden noemt het kabinet de (internationale) zeehavens en de kennisregio’s.
Het tweede principe is dat er in heel Nederland voldoende en diverse ruimte voor bedrijvigheid moet zijn. Het totaal aan economische ruimte mag niet afnemen. Wordt een bedrijventerrein ergens opgeheven, dan moet die ruimte elders worden gecompenseerd. Het kabinet wil plek bieden aan uiteenlopende vormen van bedrijvigheid, van haven en industrie tot kennisclusters en kantoren. Daarbij gaat het zowel om het beter benutten van bestaande ruimte als om strategische uitbreiding.
Het derde principe is dat regionale kracht leidend is. De bijdrage van elke regio aan de economie en de lokale identiteit, waaronder de bestaande bedrijvigheid en de ligging, vormen volgens het kabinet het vertrekpunt voor keuzes over de inrichting.
Een signaal aan ondernemers
Minister Karremans presenteert de visie als een duidelijk signaal aan het Nederlandse bedrijfsleven. Hij wil samen met gemeenten en provincies bedrijven de ruimte geven om te blijven groeien en wijst daarbij op het belang voor werkgelegenheid, overheidsinkomsten en het verkleinen van de afhankelijkheid van landen buiten Europa.
Bij de visie hoort ook een notitie met geactualiseerde cijfers over ruimte voor economie, gericht op bedrijventerreinen en ruimtebehoefte. Die notitie is op de site van de Rijksoverheid gepubliceerd als achtergronddocument bij de Kamerbrief over de visie.
Waarom dit telt voor zakelijk vastgoed
Voor eigenaren, beleggers en gebruikers van bedrijfsruimte raakt de visie aan een spanning die in veel regio’s al jaren voelbaar is. Bedrijventerreinen, vooral oudere terreinen aan de rand van binnensteden, staan onder druk doordat gemeenten ze aanwijzen voor woningbouw of gemengde stadswijken. Bedrijven die daar gevestigd zijn, moeten dan uitwijken, terwijl nieuwe locaties schaars zijn en vaak verder weg liggen. Voor het midden- en kleinbedrijf, dat afhankelijk is van betaalbare bedrijfsruimte op korte afstand van de klant, is dat een terugkerend knelpunt.
Het principe dat de totale economische ruimte niet mag afnemen, zou in de praktijk betekenen dat transformatie van een bedrijventerrein gepaard moet gaan met het vinden van vervangende ruimte. Hoe dat precies wordt geregeld, laat het kabinet nog open. Het principe kan wel invloed krijgen op de afwegingen van gemeenten en provincies die nu bedrijventerreinen willen herbestemmen.
Voor de logistieke sector en de maakindustrie is ook het eerste principe relevant. Door zeehavens en kennisregio’s als gebieden van nationaal belang aan te merken, wil het kabinet die locaties beter beschermen. Dat kan richting geven aan de vraag waar grootschalige bedrijfsvestigingen in de toekomst nog welkom zijn, een discussie die door netcongestie, stikstof en ruimtegebrek de afgelopen jaren steeds scherper is geworden.
Voor beleggers in bedrijfsruimte is de boodschap tweeledig. Als het aanbod van bedrijventerreinen beter wordt beschermd, kan dat de schaarste op sommige plekken temperen. Tegelijk blijft de ruimte in de drukke regio’s beperkt, wat de waarde van goed gelegen bestaande terreinen ondersteunt.
Demissionair kabinet
De presentatie van de visie valt in een politiek onzekere periode. Begin juni 2025 stapte de PVV uit de coalitie, waarna het kabinet-Schoof demissionair verder ging. Een demissionair kabinet houdt zich doorgaans terughoudend bij nieuw beleid, maar werkt lopende trajecten wel af. De Ruimtelijk Economische Visie was al aangekondigd en geldt als bouwsteen voor bredere ruimtelijke keuzes.
Of en hoe een volgend kabinet de principes overneemt, is daarmee een open vraag. Tegelijk ligt de uitvoering voor een groot deel bij provincies en gemeenten, die onder de Omgevingswet verantwoordelijk zijn voor de omgevingsvisies en omgevingsplannen waarin bedrijventerreinen worden vastgelegd.
Wat er nu volgt
De visie is volgens het kabinet een van de bouwstenen voor de Nota Ruimte, de langetermijnvisie op de ruimtelijke inrichting van Nederland die later in 2025 moet verschijnen. In die nota moeten de ruimteclaims voor onder meer wonen, landbouw, natuur, energie, defensie en economie tegen elkaar worden afgewogen.
Daarnaast werkt het kabinet samen met provincies, gemeenten en het bedrijfsleven aan een uitvoeringsagenda. Daarin moet duidelijk worden hoe de principes van de visie in concrete afspraken en instrumenten worden vertaald, bijvoorbeeld over compensatie bij het verdwijnen van bedrijventerreinen en over het beter benutten van bestaande terreinen. Voor de vastgoedmarkt wordt die uitvoeringsagenda het moment waarop blijkt hoeveel gewicht het principe van behoud van economische ruimte in de praktijk krijgt.
Lees ook: Kabinet wil verduurzaming van 3.400 bedrijventerreinen versnellen met pilots en samenwerking · Nuenen verleent vergunning voor distributiecentra Eeneind-West ondanks 1.500 zienswijzen
Bron: Rijksoverheid · Rijksoverheid – Notitie actualisatie cijfers ruimte voor economie