De eerste editie van WOCODA, de vakbeurs met kennisprogramma voor woningcorporaties, gemeenten en aanbieders van woonconcepten, heeft op donderdag 25 januari bijna duizend bezoekers en standhouders naar Novotel Amsterdam City getrokken. Ongeveer zeshonderd van hen waren afkomstig van gemeenten en corporaties. Na twee jaar waarin de verhoudingen op de woningmarkt gespannen waren, overheerste volgens de verslaggeving van organisator Vastgoedjournaal een opvallend constructieve toon: partijen die elkaar eerder vooral de schuld gaven van de stokkende bouwproductie, zochten nu naar manieren om samen sneller te bouwen.
Opening in het teken van samenwerking
De beurs werd geopend door drie sprekers. Initiatiefnemer John Kerkhoven, uitgever van Vastgoedjournaal, pleitte ervoor bruggen te slaan tussen corporaties, marktpartijen en overheden. Harry Platte, bestuurder van woningcorporatie Parteon en initiatiefnemer van NH Bouwstroom, betoogde dat juist in een tijd van tegenvallende marktomstandigheden samenwerking meer oplevert dan naar elkaar wijzen. Samenwerken werd in de opening zelfs neergezet als de nieuwe vorm van concurrentie.
De Noord-Hollandse gedeputeerde Jelle Beemsterboer legde de nadruk op tempo. Hij deed de aanwezigen een concreet aanbod: woningbouwprojecten die bij de overheid langer dan vier weken vastzitten, kunnen bij hem worden gemeld. Daarmee gaf de provincie een duidelijk signaal dat zij vertraging in procedures niet als vanzelfsprekend wil accepteren.
De bijeenkomst stond nadrukkelijk in de context van de landelijke woningbouwopgave. Demissionair minister Hugo de Jonge van Volkshuisvesting heeft als doel dat er tot 2030 een miljoen woningen bij komen. Om dat doel te halen moeten corporaties, gemeenten en bouwende marktpartijen beter op elkaar aansluiten, en dat was precies de reden waarom WOCODA is opgezet.
Presentatietafels in plaats van grote stands
Het concept van de beurs week af van de gangbare vakbeurzen. De circa vijftig standhouders kregen geen uitgebreide stand, maar een presentatietafel. Zij toonden onder meer woonconcepten voor specifieke doelgroepen, concepten gericht op gemeenschapsvorming, houtbouw en modulaire woningen. Voor medewerkers van overheden en woningcorporaties was de toegang gratis, waarmee de organisatie de drempel voor de vraagzijde van de markt zo laag mogelijk wilde maken. Standhouders meldden na afloop met stapels visitekaartjes naar huis te gaan.
Naast de beursvloer was er een programma met kennissessies, dat volgens het verslag zo druk bezocht werd dat een deel van het publiek moest blijven staan. In de vooraankondiging van Vastgoedjournaal werden onder meer de volgende sessies genoemd:
- architect Bjarne Mastenbroek en Hettie Politiek, programmadirecteur grootschalige woningbouw bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), over houtbouw;
- Thijs Broer (De Alliantie) en Morris Jabri (gemeente Hilversum) over een geslaagd flexwoonproject;
- Monoma en de gemeente Amersfoort over het benutten van leegstaande kantoren als tijdelijke woonruimte;
- Wim Wensing, CIO van belegger Amvest, over de maatschappelijke impact van huisvesting voor senioren en jongeren;
- een paneldiscussie over fabrieksmatig gebouwde woningen onder leiding van oud-gedeputeerde Bart Krol van de provincie Utrecht.
Tussen 13.00 en 14.00 uur zond Radio Vastgoedjournaal live uit vanaf de beursvloer. Te gast waren onder anderen Erik Gerritsen, directievoorzitter van woningcorporatie Ymere, Diana Velders, projectleider versnelling modulaire huisvesting bij BZK, en Ernest van der Meijde van 1828.
Rijksoverheid zoekt aansluiting bij de markt
Opvallend was de aanwezigheid van een delegatie van het ministerie van BZK. Een ambtenaar gaf aan dat het ministerie nauw met de markt wil optrekken. Een andere ambtenaar vertelde dat dagelijks zo’n 25 medewerkers van het ministerie werken aan het versnellen van de woningbouw, onder meer door bij gemeenten locaties voor flexwoningen beschikbaar te maken. Die boodschap sloot aan bij de lijn van gedeputeerde Beemsterboer: de overheid wil knelpunten in procedures en grondposities sneller oplossen.
Het verslag van Vastgoedjournaal concludeert dat de ontspannen sfeer erop wijst dat overheid en markt elkaar weer weten te vinden. Dat is van belang voor woningzoekenden, maar ook voor de zakelijke vastgoedmarkt: corporaties zijn een belangrijke afnemer van conceptuele en modulaire woningbouw, en beleggers en ontwikkelaars zijn voor hun projecten afhankelijk van snelle besluitvorming door gemeenten en provincies.
Achtergrond: van hotelzaal naar Jaarbeurs
WOCODA is een initiatief van Vastgoedjournaal en werd dit jaar voor het eerst georganiseerd. De belangstelling was al vóór de eerste editie zo groot dat er wachtlijsten ontstonden voor standhouders. Kort voor de eerste editie maakte Vastgoedjournaal daarom bekend dat het een overeenkomst heeft gesloten met de Koninklijke Jaarbeurs in Utrecht voor de tweede editie. Die overeenkomst werd namens Vastgoedjournaal getekend door uitgever John Kerkhoven en commercieel directeur Roland Lund, en namens de Jaarbeurs door Head of Sales Niek Krebbers. Kerkhoven liet bij die gelegenheid weten dat de beurs blijvend is bedoeld.
Volgende editie in Utrecht
De tweede editie van WOCODA staat gepland op donderdag 30 januari 2025 in het Beatrixgebouw van de Jaarbeurs, op korte loopafstand van station Utrecht Centraal. De organisatie wil het aantal standhouders daar verdubbelen van ongeveer vijftig naar honderd. Naast een beursvloer komt er een verdieping met zes congreszalen, waar standhouders kennissessies kunnen verzorgen. Daarmee groeit het evenement van een kleinschalige ontmoetingsplek in een hotel naar een volwaardig jaarlijks platform voor de volkshuisvesting.
Bron: Vastgoedjournaal – Handen schudden in plaats van met vinger wijzen op Wocoda 2024. Zie ook: Wocoda geopend · Marktpartijen en overheid kunnen niet zonder elkaar · Radio live vanaf Wocoda 2024 · WOCODA tekent overeenkomst met Jaarbeurs (alle Vastgoedjournaal)