De gemeente Amsterdam heeft architecten Jan Benthem en Mels Crouwel onderscheiden met de Frans Banninck Cocqpenning, de erepenning van de hoofdstad. Locoburgemeester Hester van Buren reikte de penning op 15 februari 2024 uit aan de twee oprichters van Benthem Crouwel Architects, als erkenning voor hun architectonische en stedenbouwkundige bijdrage aan Amsterdam. De uitreiking volgt kort nadat beide ontwerpers eerder dit jaar afscheid namen van het bureau dat hun namen draagt.
Een stad vol vertrouwde gebouwen
Wie de afgelopen decennia door Amsterdam reisde, kwam vrijwel onvermijdelijk langs werk van Benthem en Crouwel. Het bureau meldt bij de onderscheiding een reeks projecten in en rond de stad die samen een groot deel van de publieke infrastructuur en de grote publiekstrekkers bestrijken. Zo tekende het bureau voor alle stations van de Noord/Zuidlijn, de metrolijn die Amsterdam-Noord via het centrum met de Zuidas verbindt. Ook de renovatie van Amsterdam Centraal staat op de lijst, evenals de Ziggo Dome, de RAI Amsterdam, het Stedelijk Museum en het Anne Frank Huis.
Buiten de stadsgrenzen, maar nauw verbonden met de Amsterdamse economie, is Schiphol misschien wel het meest beeldbepalende dossier. Het bureau is sinds 1988 hoofdarchitect van de luchthaven en verantwoordelijk voor het masterplan en de uitbreidingen. Daarnaast ontwierp het bureau het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Elders in Nederland noemt Benthem Crouwel onder meer museum De Pont in Tilburg en de centrale stations van Rotterdam en Utrecht.
Voor de vastgoedsector is die portefeuille interessant omdat ze laat zien hoe infrastructuur, publieke gebouwen en commerciële locaties in elkaar grijpen. Stations en metrohaltes bepalen in hoge mate de bereikbaarheid en daarmee de waarde van kantoorlocaties, winkelgebieden en woningbouwprojecten eromheen. Een congres- en beurscomplex als de RAI en een evenementenlocatie als de Ziggo Dome trekken jaarlijks grote aantallen bezoekers en zijn daarmee belangrijke ankers voor hotels en horeca in hun omgeving.
Eenvoudige oplossingen voor complexe vragen
Volgens het bureau werkten Benthem en Crouwel 45 jaar samen. In die periode ontwierpen zij luchthavens, stations, musea, woningen, universiteitsgebouwen, kantoren, bruggen en concertzalen. Als rode draad noemt het bureau het uitgangspunt dat ingewikkelde opgaven om een eenvoudige oplossing vragen. De oprichters kozen daarbij vaak voor innovatieve technieken, modulaire bouw en flexibele gebouwen die zich goed voegen in hun stedelijke omgeving.
Dat flexibele denken sluit aan bij een thema dat in de vastgoedmarkt steeds zwaarder weegt: gebouwen die gedurende hun levensduur van functie kunnen wisselen, houden hun waarde beter vast dan panden die op één gebruiker zijn toegesneden. Ook modulair en demontabel bouwen staan hoog op de agenda van ontwikkelaars en beleggers die hun portefeuilles willen verduurzamen en de CO2-uitstoot van nieuwbouw willen beperken.
De gemeente prees in haar motivering de bijzondere bijdrage van de twee aan zowel de architectuur als de stedenbouw van Amsterdam. De Frans Banninck Cocqpenning is vernoemd naar de zeventiende-eeuwse Amsterdamse burgemeester die vooral bekend is als de kapitein op Rembrandts Nachtwacht. Met de penning eert de stad personen die zich in bijzondere mate voor Amsterdam hebben ingezet.
Bureau gaat verder onder vier partners
Het bureau wordt al sinds 2017 geleid door vier partners: Pascal Cornips, Daniel Jongtien, Saartje van der Made en Joost Vos. Het werk loopt intussen door, zowel in Nederland als daarbuiten. Lopende projecten die het bureau noemt zijn Museum Arnhem en het woonproject Palazzo in ‘s-Hertogenbosch. In het buitenland werkt Benthem Crouwel aan meerdere projecten in Tsjechië, waaronder een masterplan voor een groot treinstation in Brno, aan Brussels Airport, aan drie metrostations in Parijs en aan een datacenter in Stuttgart.
Met name die laatste opdrachten laten zien dat de kennis van grote infrastructurele knooppunten en technisch complexe gebouwen exportwaardig is. Datacenters zijn een van de snelst groeiende vastgoedsegmenten in Europa, en stations en luchthavens blijven door de toenemende reizigersstromen en de vervangingsopgave van oudere infrastructuur een belangrijk werkveld voor gespecialiseerde bureaus.
Wat de onderscheiding betekent
Erepenningen als deze hebben geen financiële waarde, maar zijn binnen de ontwerp- en vastgoedwereld wel een duidelijk signaal. Ze bevestigen de status van een bureau dat al decennia betrokken is bij grote publieke opdrachten, en dat is van belang in aanbestedingen waar referenties en ervaring met complexe projecten zwaar meewegen. Voor de oprichters zelf markeert de penning het sluitstuk van een loopbaan die nauw verweven is met de ontwikkeling van Amsterdam als bereikbare, internationaal georiënteerde stad.
De uitreiking valt in een periode waarin Amsterdam opnieuw voor grote ruimtelijke keuzes staat, van de verdere verdichting rond stations tot de bereikbaarheid van nieuwe woon-werkgebieden. Juist bij dat soort opgaven komt het samenspel tussen infrastructuur, openbare ruimte en vastgoed samen waarvoor Benthem en Crouwel hun bekendheid verwierven.
Wat er nu volgt
Voor het bureau verschuift de aandacht naar de projecten die nog in voorbereiding of uitvoering zijn, met Museum Arnhem en Palazzo in Nederland en de opdrachten in Brussel, Parijs, Brno en Stuttgart in het buitenland. De vier partners moeten laten zien dat het bureau ook zonder de oprichters zijn positie in de markt voor grote publieke en infrastructurele projecten vasthoudt.
Lees ook: Royale Belge en Monteco: twee Brusselse projecten in finale MIPIM Awards 2024 · Rotterdamse Vastgoedborrel viert tiende editie