Bijna duizend professionals uit de wereld van projectontwikkeling kwamen op donderdag 16 mei 2024 in Den Bosch bijeen voor de elfde Dag van de Projectontwikkeling (DVDP). De editie stond in het teken van verleden, heden en toekomst: brancheorganisatie NEPROM, die het congres organiseert, bestaat vijftig jaar. Onder het motto ‘back to the future’, een knipoog naar de film uit 1985, spraken onder anderen demissionair minister Hugo de Jonge en oud-Europees topambtenaar Diederik Samsom. Ook werd de NEPROM-prijs 2024 uitgereikt. NEPROM publiceerde op 29 mei een terugblik.
Een halve eeuw NEPROM
NEPROM, de vereniging van projectontwikkelaars, werd in 1974 opgericht. De jubileumeditie van de DVDP opende met spoken word-artiest Roziena Salihu, die een tekst voordroeg over een tijdmachine en de vraag hoe de sector omgaat met de opgaven van de toekomst.
Directeur Fahid Minhas van NEPROM riep de zaal op om lessen uit het verleden te gebruiken om de leefomgeving beter te maken. Hij wees erop dat de publieke positie van ontwikkelaars de afgelopen jaren is veranderd en dat de sector omgevingen moet bouwen die bestand zijn tegen de opgaven van de toekomst. Dat kan volgens hem alleen in nauwe samenwerking met de overheid.
De Jonge: Rijk moet regie terugpakken
Hugo de Jonge, demissionair minister en verantwoordelijk voor volkshuisvesting en ruimtelijke ordening, constateerde dat het Rijk in de afgelopen periode te passief is geweest. Volgens hem moet de nationale overheid de regie over ruimtelijke ordening en volkshuisvesting terugnemen. Over de Nota Ruimte zei hij dat Nederland niet groter wordt, zodat ruimte met zorgvuldige planning gevonden moet worden. Hij noemde nieuwe zoekgebieden in het noorden, oosten en zuiden van het land, waarbij de ontwikkeling afhangt van de aanleg van infrastructuur.
De minister toonde zich positief over het bedrag van € 1 mrd per jaar voor wonen dat in het coalitieakkoord van de nieuwe partijen is opgenomen. De € 500 mln voor infrastructuur vond hij daarentegen bescheiden. Over de regulering van de middenhuur zei hij dat die eigenlijk tien jaar eerder had moeten worden aangepakt; het wetsvoorstel lag op dat moment bij de Eerste Kamer, en De Jonge riep op het aan te nemen.
Voor ontwikkelaars zijn dat belangrijke signalen. De regulering van de middenhuur raakt direct de businesscase van huurwoningprojecten, en de verdeling van rijksgeld over wonen en bereikbaarheid bepaalt mede of nieuwe woonwijken op tijd ontsloten kunnen worden. De opmerkingen van De Jonge vielen in een periode waarin een nieuw kabinet zich voorbereidde op zijn aantreden en de sector benieuwd was naar de koers op het gebied van wonen.
Natuur en klimaat als uitgangspunt
Na de politiek volgde een blik op de lange termijn. AI-expert en duurzaamheidsstrateeg Milan Meyberg pleitte voor een nieuw verhaal in de sector: van een benadering waarin de mens centraal staat naar een ecocentrische aanpak. Hij opperde om met behulp van AI de natuur als het ware zelf te raadplegen bij ontwerpbeslissingen. Volgens Meyberg rest er nog maar tien jaar om een ramp af te wenden.
Diederik Samsom, voormalig kabinetschef van Eurocommissaris Frans Timmermans en een van de architecten van de Europese Green Deal, verwacht niet dat de ambitie van de Green Deal afneemt. Hij wees op drie langetermijntrends: de klimaatverandering zelf, de snelle groei van zon- en windenergie in combinatie met opslag, en een jonge generatie die leiders steeds nadrukkelijker aanspreekt op hun verantwoordelijkheid. Samsom riep vastgoedpartijen op om bij te dragen aan de doelen voor klimaat en biodiversiteit. Als voorbeelden noemde hij het bouwen van wijken zonder stroomaansluiting en de productie van biobased bouwmaterialen door de landbouw.
NEPROM-prijs voor Cruquius
Ook op het programma stond de uitreiking van de NEPROM-prijs 2024, die NEPROM samen met Rabo Real Estate Finance toekent. De jury stond onder leiding van Josja van der Veer, directeur Ruimte & Duurzaamheid van de gemeente Amsterdam, en legde dit jaar de nadruk op maatschappelijke impact, zoals de inpassing in de omgeving en de bijdrage aan gelijke kansen.
Vijf projecten waren genomineerd: Oosterdokseiland, Cruquius en Oostenburg in Amsterdam, City-Centre in Tilburg en Wisselspoor in Utrecht. Volgens NEPROM zijn het stuk voor stuk binnenstedelijke transformaties, veelal met een lange looptijd en een nauwe samenwerking tussen overheid en markt. De prijs ging naar Cruquius, ontwikkeld door Amvest en de gemeente Amsterdam. Heleen Aarts, CEO van Amvest, en Dries Drogendijk, directeur gebiedsontwikkeling Oost bij de gemeente, namen de prijs in ontvangst. Zij lichtten de werkwijze met een zogeheten spelregelkaart toe: de overheid stelt een beperkt aantal kaders, waarna de markt de ruimte krijgt om creatief te ontwikkelen.
Dat alle genomineerden binnenstedelijke transformaties zijn, past bij de opgave die ontwikkelaars de komende jaren wacht. Bouwen binnen bestaand stedelijk gebied is complex en duurt lang, maar wordt door overheden vaak verkozen boven uitleglocaties. Projecten waarin gemeente en marktpartijen vooraf de rolverdeling vastleggen, worden daarbij steeds vaker als voorbeeld gezien.
Wat er nu volgt
Met de jubileumeditie sloot NEPROM een halve eeuw belangenbehartiging voor projectontwikkelaars af en blikte de vereniging vooruit op de volgende periode. De boodschappen van de sprekers geven richting aan het gesprek dat de sector de komende maanden met het nieuwe kabinet zal voeren: meer regie van het Rijk, een stabiel investeringsklimaat voor wonen en blijvende aandacht voor klimaat en natuur. Voor de sector is de DVDP daarmee niet alleen een netwerkdag, maar ook een graadmeter voor de verhouding tussen markt en overheid.
Bron: NEPROM – DVDP 2024: back to the future. Extra bron: NEPROM – Vijf projecten in de race voor de NEPROM-prijs 2024