Ongeveer 55 leden van NEPROM, de vereniging van Nederlandse projectontwikkelaars, zijn eind juni drie dagen op studiereis geweest naar Oslo. Het programma voerde langs de grote transformatiegebieden van de Noorse hoofdstad, van de waterfront-wijken Aker Brygge en Tjuvholmen tot het voormalige vliegveld Fornebu en het cultuur- en woongebied Bjørvika. Duurzaamheid stond centraal met een presentatie over het Noorse programma FutureBuilt en een bezoek aan het pilotproject Vertikal Nydalen. NEPROM blikte op 10 juli terug op de reis.
Van fjord tot voormalig vliegveld
De reis begon op woensdag met een boottocht over de Oslofjord, met diner aan boord, waarmee de deelnemers een eerste indruk kregen van een stad die sterk door het water wordt bepaald. De groep verbleef in Sommerro, een hotel in het voormalige hoofdkantoor van het energiebedrijf Oslo Lysverker. Gids tijdens de hele reis was Henning Nielsen, die op donderdagochtend ook een presentatie gaf over de geschiedenis van Oslo: hoe de keuze van vorsten voor de locaties van forten en paleizen sinds de middeleeuwen de stad heeft gevormd en hoe Oslo zich de afgelopen decennia economisch en cultureel heeft ontwikkeld.
Op dezelfde ochtend presenteerde Ulla Hahn het programma FutureBuilt, waarin volgens NEPROM zes Noorse gemeenten samenwerken aan duurzame stedelijke ontwikkeling met pilotprojecten die moeten leiden tot lagere CO2-uitstoot. Ontwikkelaar en belegger Aspelin Ramm, bekend om zijn duurzame stedelijke ontwikkeling, lichtte zijn werk toe, waaronder het hotel Sommerro en het project VIA.
Daarna ging de groep te voet op pad, langs Ambassaden, VIA en het Nasjonalmuseet. Bij VIA, een complex met kantoren, een congrescentrum, restaurants en winkels, zijn passages door een voorheen gesloten bouwblok gemaakt, waardoor nieuwe looproutes door de stad zijn ontstaan. De wandeling eindigde bij Aker Brygge en Tjuvholmen, waar een voormalig industrieterrein aan het water is omgevormd tot een levendige gemengde wijk. Het Astrup Fearnley Museum voor moderne kunst geldt daar als blikvanger.
In de middag bezocht de groep Fornebu. Het vliegveld van Oslo was daar tot 1988 in gebruik; het terrein wordt sindsdien ontwikkeld tot een multifunctioneel stadsdeel met duizenden woningen, een zakencentrum, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en parken en natuurgebieden. Een korte wandeling door het Vigelandpark rondde de dag af.
Bjørvika: van weerstand naar omarming
Op vrijdagochtend stond Bjørvika op het programma, een voormalig industriegebied dat onder regie van gebiedsontwikkelaar OSU uitgroeit tot een gemengde wijk met cultuur, wonen, werken en commerciële functies. Het Operahuis, het Munchmuseum en de reeks kantoortorens van het Barcode-project zijn de bekendste onderdelen.
Een les die de deelnemers meekregen, ging over draagvlak. Volgens NEPROM was er in het gebied aanvankelijk veel verzet tegen hoogbouw, maar hebben bewoners de uitgesproken architectuur na enkele jaren omarmd. Voor Nederlandse ontwikkelaars, die bij verdichting en hoogbouw regelmatig met bezwaren te maken krijgen, is dat een herkenbaar verhaal.
De laatste stop was Vertikal Nydalen van ontwikkelaar Avantor, een pilotproject binnen FutureBuilt dat streeft naar een energiegebruik van bijna nul.
FutureBuilt als duurzaamheidsmotor
FutureBuilt werkt met pilotprojecten: voorbeeldprojecten die moeten laten zien dat gebouwen en gebieden met een duidelijk lagere CO2-uitstoot te realiseren zijn. Vertikal Nydalen, de laatste stop van de reis, is daar een van. Het programma is daarmee een voorbeeld van hoe gemeenten en marktpartijen samen een hogere lat kunnen leggen dan de wettelijke eisen, zonder dat elke stap eerst in regelgeving hoeft te worden vastgelegd.
Voor de Nederlandse ontwikkelpraktijk raakt dat aan actuele vragen: hoe wordt de milieuprestatie van gebouwen verder aangescherpt, hoe tellen materiaalgebruik en mobiliteit mee, en welke rol kunnen gemeenten spelen door in hun eigen gebiedsontwikkelingen hogere ambities af te spreken.
Rode draad: transformatie en cultuur als anker
Wie het programma overziet, ziet een duidelijke lijn. Bijna alle bezochte gebieden waren voorheen bedrijfsterrein of infrastructuur: het industrieterrein van Aker Brygge, het industriegebied Bjørvika, het vliegveld Fornebu en het kantoor van een energiebedrijf dat nu hotel is. In verschillende gevallen fungeert cultuur als anker, met het Operahuis, het Munchmuseum en het Astrup Fearnley Museum als publiekstrekkers die een nieuw gebied op de kaart zetten. En bij VIA bleek hoe het openbreken van een gesloten bouwblok de stad beter doorwaadbaar kan maken.
Volgens de terugblik van NEPROM was er naast het inhoudelijke programma ruim gelegenheid om elkaar te spreken. Deelnemers noemden de reis in de evaluatie inspirerend, met indrukwekkende gebiedsontwikkelingen en architectuur, en zeer goed georganiseerd.
Jaarlijkse traditie
De studiereis is een vast onderdeel van het verenigingsprogramma van NEPROM, waarin leden zich laten inspireren door gebiedsontwikkeling in het buitenland en ervaringen uitwisselen met collega’s van andere bedrijven. Voor de vereniging is het ook een manier om de banden tussen de leden te versterken in een periode waarin de woningbouwopgave en de randvoorwaarden daarvoor, zoals stikstof, netcongestie en financiering, de agenda domineren.
De bevindingen uit Oslo nemen de deelnemers mee naar hun eigen projecten. Welke bestemming de vereniging voor de volgende studiereis kiest, maakte NEPROM in de terugblik niet bekend.