NEPROM, de vereniging van projectontwikkelaars, organiseert op donderdag 26 november een Masterclass Grondbeleid. De bijeenkomst staat onder leiding van mr. Peter Overwater en behandelt de instrumenten waarmee gemeenten en ontwikkelaars in de praktijk met elkaar te maken krijgen: grondexploitaties, voorkeursrechten, kostenverhaal en onteigening. NEPROM kondigde de masterclass op 28 oktober aan, op dezelfde dag dat de vereniging reageerde op nieuwe kabinetsplannen voor het grondbeleid.
Volgens NEPROM is grondbeleid belangrijker dan ooit voor gebiedsontwikkeling, omdat de druk op de beschikbare ruimte toeneemt en belangen steeds vaker botsen. De masterclass moet deelnemers helpen de onderhandelingsposities van gemeenten en ontwikkelaars beter te begrijpen.
Programma: van nota grondbeleid tot zelfrealisatie
Op de opleidingspagina van NEPROM staat het programma uitgewerkt in vijf onderdelen. Het eerste gaat over de nota grondbeleid en gemeentelijke grondexploitaties: de manier waarop een gemeente vastlegt of zij zelf grond verwerft en bouwrijp maakt, of dat overlaat aan marktpartijen. Daarna komen minnelijke verwerving en gemeentelijke voorkeursrechten aan bod. Met een voorkeursrecht kan een gemeente afdwingen dat een eigenaar die zijn grond wil verkopen, die eerst aan de gemeente aanbiedt.
Het vierde onderdeel is kostenverhaal, de regeling waarmee gemeenten de kosten van bijvoorbeeld wegen, groen en riolering verhalen op de partijen die in een gebied bouwen. Tot slot behandelt de masterclass onteigening, met daarbij de vraag wanneer een eigenaar zich met succes kan beroepen op zelfrealisatie: het recht om een bestemming zelf uit te voeren in plaats van onteigend te worden.
De masterclass is bedoeld voor projectontwikkelaars en projectleiders die zich verder willen verdiepen in grondbeleid. Zowel medewerkers van NEPROM-leden als van andere bedrijven zijn welkom. De bijeenkomst vindt volgens de opleidingspagina plaats op het kantoor van NEPROM aan het Johanna Westerdijkplein 1 in Den Haag. Deelname kost € 395 per persoon voor leden en overheden en € 495 voor niet-leden, exclusief btw en inclusief koffie en lunch; NEPROM houdt een voorbehoud voor wijzigingen.
Actueel door debat over grondwaarde
De masterclass komt op een moment dat het grondbeleid hoog op de politieke agenda staat. Begin oktober meldde NEPROM dat een brede meerderheid van de Tweede Kamer de motie-Grinwis c.s. had aangenomen. Die motie vraagt om bij het bepalen van de inbrengwaarde van grond in gebiedsontwikkeling uit te gaan van de residuele waardemethode, in plaats van de huidige vergelijkende methode.
Het verschil tussen die methoden is voor ontwikkelaars wezenlijk. Bij de vergelijkende methode hangt de waarde van grond sterk af van transacties in de omgeving. Volgens NEPROM kan dat prijzen opdrijven en speculatie in de hand werken. Bij de residuele methode wordt de grondwaarde afgeleid van de opbrengsten van een project minus de ontwikkelkosten. Dat levert volgens de vereniging realistischere grondwaarden op. NEPROM verwees daarbij naar een eerdere expertnotitie die Friso de Zeeuw en Arjan Bregman in opdracht van de vereniging schreven.
Op 28 oktober meldde NEPROM de volgende stap. Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan presenteerde die week tijdens een werkbezoek aan gebiedsontwikkeling Reevedelta in Kampen de Kamerbrief over de voortgang en maatregelen bij de modernisering van het grondbeleid. Daarin stelt zij voor de residuele grondwaarde als uitgangspunt te nemen voor de inbrengwaarde bij kostenverhaal. NEPROM, die bij het werkbezoek werd vertegenwoordigd door bestuurslid Marieke Mentink, verwelkomde dat voornemen. Volgens de vereniging sluit het aan bij haar oproep om speculatief hoge grondprijzen tegen te gaan zonder instrumenten in te voeren die de woningbouw vertragen.
Kamerdebat op 11 november
De Tweede Kamer bespreekt de Kamerbrief en het plan van de minister op 11 november tijdens een debat over grondbeleid. NEPROM verwacht dat de Kamer het voorstel steunt, omdat het in lijn is met de eerder aangenomen motie. De vereniging wil vervolgens met het Rijk en gemeenten overleggen over een zorgvuldige en eenvoudige uitwerking.
Daarmee valt de masterclass van 26 november ruim twee weken na dat debat. Deelnemers kunnen de uitkomst van de politieke discussie dus direct meenemen in de bespreking van kostenverhaal en grondexploitaties.
NEPROM heeft in de discussie steeds aangedrongen op instrumenten die praktisch, voorspelbaar en gericht op versnelling van de bouw zijn. De vereniging waarschuwde tegen complexe nieuwe instrumenten die onzekerheid en vertraging kunnen veroorzaken, en vatte haar inzet samen met de woorden meer, sneller, beter uit het Actieplan.
Waarom grondbeleid ertoe doet
Voor ontwikkelaars en beleggers bepaalt de grondprijs in belangrijke mate of een project financieel haalbaar is. Hoe gemeenten hun grondexploitatie inrichten, of zij een voorkeursrecht vestigen en hoe zij kosten verhalen, heeft directe gevolgen voor de onderhandelingen over locaties. Kennis van die instrumenten helpt ontwikkelaars om risico’s eerder te zien en om met gemeenten tot werkbare afspraken te komen.
De masterclass maakt deel uit van het bredere opleidingsaanbod van NEPROM. De vereniging biedt daarnaast onder meer de Leergang Projectontwikkeling aan, waarvoor de inschrijving voor het najaar al in januari openging.
Wat er nu volgt
Eerst bespreekt de Tweede Kamer op 11 november het grondbeleid met de minister. De Masterclass Grondbeleid volgt op donderdag 26 november in Den Haag. Aanmelden kan via de opleidingspagina van NEPROM; voor vragen noemt de vereniging op die pagina een vaste contactpersoon.
Bron: NEPROM – Grondbeleid in de praktijk: vergroot je kennis
Extra bronnen: NEPROM – Masterclass Grondbeleid (opleidingspagina) · NEPROM – Kabinet ziet af van planbatenheffing en kiest voor NEPROM-voorstel (28-10-2026) · NEPROM – Een belangrijke stap voor een beter werkende grondmarkt (01-10-2026) · NEPROM – Leergang Projectontwikkeling: inschrijving najaar geopend (22-01-2026)